Gelijke behandeling voor alle hulpverlener-ambulanciers

Recent stelden Katja Gabriëls (Open VLD) en Veerle Wouters (N-VA) vragen in de Kamer over de fiscale vrijstelling voor hulpverlener-ambulanciers die geen brandweerman zijn. Volgens het Wetboek Inkomstenbelasting hebben vrijwilligers van de openbare brandweerkorpsen recht op een maximale vergoeding van € 2850  (te indexeren bedrag; Aj 2016: € 4350). Om aanspraak te kunnen maken op deze vrijstelling moet de vrijwillige hulpverlener-ambulancier van de Dienst 100 brandweerman zijn. Andere ”vrijwillige” hulpverlener-ambulanciers die geen brandweerman zijn genieten niet van dezelfde fiscale vrijstelling.

De Belgische Beroepsvereniging van Ambulancediensten (BBA) stelt zich enorme vragen bij deze discriminatie enkel op basis van de organisatie waarin een hulpverlener-ambulanciers actief is. Door deze ongelijkheid hebben vrijwillige hulpverlener-ambulanciers die niet actief zijn als brandweerman slechts recht op een maximum vrijstelling van € 32,71 per dag en € 1.308,38 € per jaar (in 2015). Hierdoor haken sommige hulpverlener-ambulanciers halverwege het jaar af omdat ze hun fiscaal plafond bereikten. De permanentie van de ambulancediensten in het kader van de Dienst 100 komt hierdoor in het gedrang.

De Belgische Beroepsvereniging van Ambulancediensten (BBA) pleit er namelijk voor om alle hulpverlener-ambulanciers op dezelfde wijze te behandelen, onafhankelijk van de organisatie waarin ze actief zijn. De taken en verplichtingen binnen de Dringende Geneeskundige Hulpverlening, opgelegd door de federale overheid, zijn immers identiek voor alle hulpverlener-ambulanciers.

De Belgische Beroepsvereniging van Ambulancediensten (BBA) is dan ook tevreden met het antwoord dat gegeven werd door minister van financiën Van Overtveldt, namelijk “dat de vrijstelling tevens kan worden toegepast op de vergoedingen van vrijwillige ambulanciers-niet-brandweermannen (…), voor zover hun activiteit kadert in de dringende geneeskundige hulpverlening”.

Toekomstgericht vraagt de Belgische Beroepsvereniging van Ambulancediensten (BBA) een duidelijke afbakening van de drie mogelijke statuten van de hulpverlener-ambulancier voor alle organisaties actief in de Dringende Geneeskundige Hulpverlening:

  1. statuut van personeelslid voor de hulpverlener-ambulancier die in een vast dienstverband werkt;
  2. statuut van “freelancer”, voor de hulpverlener-ambulancier die al een hoofdberoep heeft en beperkt wil bijverdienen. Doordat deze al sociale en fiscale bijdragen betaalt, is een aangepast fiscaal regime noodzakelijk.
  3. vrijwilligers die niet betaald worden voor hun tijd, zij ontvangen een forfaitaire vergoeding of een vergoeding voor de gemaakte kosten conform de wetgeving op vrijwilligerswerk.

De BBA nodigt alle betrokken partijen uit om hierover aan tafel te gaan.

 

Foto © BFM